Dearest You,
De wereld zou ik als een landkaart, mijn eigen persoonlijke voor jou gemaakte landkaart, willen open leggen. En zo gauw, zo gauw als je ogen de lijnen volgen, zul je weten wat er bedoelt wordt. Zodra dit gebeurt, krijgt alles die andere kleur, die andere gloed over zich. Net zolang, net zolang tot ook het zwart-wit is vergaan. Uiteindelijk ben jij, ben jij dan de felste kleur. De eeuwige verloren sleur waarin jij zit, zal zwijgen en liggen, al is het alleen voor nu. Vandaag zal ik je met inkt zeggen, dat het met die warme lach geschreven wordt. En hopen, dat als je het ’avonds leest, iets anders hebt om over te dromen. En hopen, dat als je het ’ochtends leest, iets moois hebt om de rest van de dag aan te denken.
Ik hoop dat het goed met je gaat, en dat ik je even kan trekken uit datgene, datgene dat jou zo raakt. Voor een dag van morgen, voor een dag van vandaag. Al ben je niet meer dan een weerspiegeling, die weerspiegeling die alleen een beetje zijn anonimiteit kwijt is geraakt. Ik kan net de kleuren van mekaar onderscheiden en de lijnen, de lijnen volgen in jouw gedachtengang. Al ben je niet meer, dan een oud vergeelde krant, waar ik nog met veel plezier in terug kijk. Ik zal de maan voor je vangen, de zon aan je cadeau geven en later misschien, heel veel later, de sterren voor je stelen.
Om iedere gegeven zin, moeten de lijnen op de kaart zich duidelijker aftekenen. Al is het voor mij net zoveel mysterie, als dat voor jou is. Ik wil mezelf blootleggen aan jou, zonder alle rare verbuigingen, knikken in mijn zinnen en honderden komma’s. Ik wil naar jou kijken, zodra de golven van de zee van je voeten naar je rug klimmen, en de tijd, de tijd je geest stil mag zetten. Laat ze begraven, al die gezichten, al die gezichten die zeggen dat het zo moet, zo moet en niet anders.
Ik wil dat we liggen, liggen op een uitgestrekt grasveld en zodra de parachutist dalen zal, hij dat boek bij zich heeft waarin ieder Gods geheim ontrafelt is, als in iedere mooie zin. Ja zal lachen en toegeven, toegeven dat het wel meeviel. Zeg het, zeg het tegen de rode, gele en zelfs fel blauw gekleurde bloemen, die ons omringen. Adem in, adem uit, raak de zuchten kwijt, die gezucht moeten worden. Vertel me, dat je ziet wat ik zie. Dat je handen volgen, wat ik nu volgen moet. De vogels die iedere keer dezelfde fluit los laten en het zachte geruis van de wind. Begrijpen hoef je me niet, ik wil alleen dat je lacht. Alleen lachen, zonder wijn.
Vervolgens fluister ik zacht, dat het tijd is, om de open kaart dicht te vouwen. En voor een laatste maal. Verontschuldig ik me, voor mijn brief die te lang is, het spijt me lieve jij. Ik had alleen geen tijd om een korte brief te schrijven.
Heel veel liefs en een kus,
Alex Avalon

